Benieuwd hoe een kincorrectie verloopt? Hier leggen we de ingreep stap voor stap uit. Heb je vragen of wil je meer details, dan kun je altijd bij je chirurg terecht.
1. De eerste afspraak
Tijdens het eerste gesprek vertelt je de chirurg wat je klachten zijn, waarom je een kincorrectie overweegt en wat je verwacht van de ingreep. De chirurg onderzoekt je kin en gezicht, maakt foto’s voor je medisch dossier en vraagt naar je gezondheid en medische voorgeschiedenis.
Vervolgens bespreekt de chirurg de verschillende behandelmogelijkheden. Als je kiest voor een kinimplantaat, zal hij samen met jou via een computersimulatie bepalen welke vorm en maat het beste bij je past. Ook krijg je uitleg over de ingreep, de operatie zelf, mogelijke bijwerkingen en het herstel.
💡Tip: Schrijf je vragen op en neem dit lijstje mee naar je eerste afspraak.
2. De operatie
Enkele dagen voor de ingreep ontvang je praktische informatie, zoals het tijdstip van je afspraak, waar je je moet melden en wat er vooraf van je wordt verwacht.
De operatie wordt uitgevoerd onder plaatselijke verdoving of volledige narcose, afhankelijk van de complexiteit van de ingreep. De duur van de operatie is meestal ongeveer een uur.
- Als er een implantaat wordt geplaatst, maakt de chirurg een incisie onder de kin of in de mond. Het implantaat wordt onder de kinspieren en vaak ook onder het botvlies van de kaak geplaatst.
- Als de kin kleiner of minder opvallend moet worden, verwijdert de chirurg een stukje kaakbot, bindweefsel of kraakbeen.
De incisie wordt gesloten en je wordt naar de uitslaapkamer gebracht. Meestal kun je dezelfde dag weer naar huis.
3. De eerste week na de operatie
Na de operatie wordt een stevig verband aangebracht rondom je hoofd en nek om het kinimplantaat op zijn plek te houden en de zwelling te verminderen. Dit verband blijft een week zitten. Tegen de pijn krijg je pijnmedicatie voorgeschreven.
De eerste dagen kan het lastig zijn om te eten en drinken. Het is raadzaam om zachte voeding te kiezen, die je niet hard hoeft te kauwen.
